Ruimtelijke ontwikkeling saai? No way! Maaike Stoop is Junior Planoloog en zit regelmatig met wethouders om de tafel. Aan een studie Sociale Geografie & Planologie had ze nooit gedacht, tot Maaikes aardrijkskundeleraar haar daarop wees. Ze liep stage bij de gemeente Zaanstad en werkt nu bij de gemeente Haarlem, waar ze zelf ook woont. “Het is heel tof om zo aan je eigen stad te kunnen werken”.

‘Dit is het’

“Aardrijkskunde vond ik op de middelbare school al heel erg leuk. Daarom schreef ik een profielwerkstuk over de plek waar ik vandaan kom, De Rijp. Ik onderzocht wat je zou kunnen doen qua ontwikkelingen en bouwen in het polderlandschap rondom het dorp. Het maken van die ruimtelijke afwegingen vond ik leuk, maar ik had nog geen idee wat voor studie ik wilde doen. Het was mijn aardrijkskundedocent die zei dat ik Sociale Geografie & Planologie moest gaan studeren. Ik had er nog nooit van gehoord, maar toen ik de studievoorlichting bezocht dacht ik: ‘dit is het’.

Sociale geografie vs. planologie

In het eerste jaar volg je vakken over zowel sociale geografie als planologie. Die vakgebieden overlappen elkaar, maar zijn tegelijkertijd ook verschillend. Sociale geografie is gericht op onderzoek en begrijpen hoe de wereld in elkaar zit. Als planoloog maak je het concreter: hoe ziet die stap ná het onderzoek eruit? Ik werk als planoloog vaak samen met sociaalgeografen. Sommigen van hen zijn uiteindelijk planoloog geworden, dus het is niet zo dat als je het een kiest je het ander nooit meer kan doen. Wil je heel diep in die materie duiken, of nadenken over hoe het in de toekomst anders kan? Dat is volgens mij het verschil.

“Het is niet zo dat als je het één kiest, je nooit meer het ander kan worden”

Een hele mond vol: governance in het metropolitane landschap

Mijn scriptie ging over ‘governance in het metropolitane landschap’. Governance is de bestuurskundige kant van de planologie. Stel, het ministerie bedenkt een nieuw plan. Dan heb je te maken met stakeholders. Om een stap verder te komen moet je al die belangengroepen bij elkaar zien te brengen. Voor mijn scriptie heb ik gekeken naar de Metropoolregio Amsterdam, dat is een samenwerkingsverband tussen 33 gemeentes, 2 provincies en de Vervoerregio Amsterdam. Zij werken samen omdat er gebiedsoverstijgende plannen zijn. Ik heb onderzocht hoe we al die verschillende bestuursstructuren binnen de metropoolregio efficiënter kunnen inrichten.

Aan tafel bij het ministerie!

Ik koos bewust voor een master in Utrecht, omdat je die kon combineren met een stage. Tijdens een stage ervaar je in de praktijk waar je eigenlijk voor wordt opgeleid. Ook leer je mensen kennen die je anders nooit ontmoet zou hebben. Tijdens mijn stage bij de gemeente Zaanstad leerde ik om vanuit verschillende belangen te denken, want als overheid werk je echt vanuit het beste voor jouw gebied. Ook maak je kennis met verschillende schaalniveaus. Soms werk je heel lokaal, dan gaat het bijvoorbeeld over een woning in de stad, en soms behandel je een hele regio. Dan zit je ineens met het ministerie om tafel.

“Soms behandel je een hele regio. Dan zit je ineens met het ministerie om tafel”

Werken aan je eigen stad

Na mijn afstuderen werkte ik anderhalf jaar bij een adviesbureau. In korte tijd leerde ik veel opdrachten kennen, maar ik miste het maatschappelijk denken. Als je bij een gemeente werkt, raak je echt betrokken bij een gebied. Toen ik als Junior Planoloog bij de gemeente Haarlem begon, was ik een beetje bang dat het een saaie ambtenaarsbaan zou zijn. Maar mijn baan is fantastisch! In grote lijnen houd ik me bezig met de hardcore planologie, zoals bestemmingsplannen, en met de samenwerking met zowel de stad als de regio. Hier heb je dus ook te maken met verschillende schaalniveaus. En ik woon zelf in Haarlem, dus ik werk in feite aan mijn eigen stad. Dat is toch leuk?”