Studenten in de richting Exact & Informatica moeten tegen een paar vooroordelen opboksen. Bètastudies zouden saai zijn en als je de hele dag met computertechnologie bezig bent, ben je een nerd. Wie echt geïnteresseerd is in een van deze opleidingen, weet wel beter.

De studies binnen dit vakgebied zijn de studies van de toekomst. Of je nu met moleculen, megabytes of algoritmes aan de slag gaat: de kans dat je na het afronden van je studie een baan vindt is groot. Zelfs als je een C&M of E&M-profiel hebt gekozen, kun je binnen deze studierichting opgeleid worden tot bijvoorbeeld IT-consultant of databasemarketeer.

Als het je een raadsel is wat je wilt studeren

Ben je gek op wiskunde, maar wil je je breder oriënteren? Dan is de universitaire opleiding Natuur- en Sterrenkunde iets voor jou. In het eerste jaar volg je veel vakken samen met wiskundestudenten. Daarnaast maak je kennis met vakken als astrofysica, elektrodynamica, de relativiteitstheorie en kwantummechanica. Zelfs de basisvaardigheden van programmeren komen aan bod! In de loop van je studie kun je je gaan specialiseren in bijvoorbeeld energie & milieu, leven & gezondheid of nanotechnologie & materialen. Wil je meer, dan kun je zelfs een dubbele bachelor halen door natuur- of sterrenkunde te combineren met informatica. Zo heb je niet één, maar twee diploma’s op zak!

Bron: Universiteitstart.nl

Test je kennis van ICT

De ICT staat bol van de afkortingen. Sommige daarvan gebruik je waarschijnlijk zelf al vaak zonder dat je het doorhebt. Weet jij waar onderstaande begrippen de afkortingen van zijn, en wat ze betekenen?

CRM = Customer Relationship Management. Het Engelse woord voor klantrelatiebeheer. Een CRM-systeem is een softwarepakket waarin alle gegevens van klanten, patiënten of cliënten worden opgeslagen.

gps = global position system. De commerciële naam voor een plaatsbepalingssysteem op basis van satellieten. Hoewel gps ontwikkeld werd voor militaire doeleinden, gebruiken wij het nu ook in apps en op websites.

HTTP = HypterText Transfer Protocol. De ‘standaard’ die gebruikt wordt voor communicatie tussen je browser en de server, als jij een URL intypt. De beveiligde variant heet HTTPS (Secure).

LAN = Local Area Network. Een netwerk dat computers en printers, die zich op beperkte afstand van elkaar bevinden, verbindt. Wordt veel gebruikt als thuisnetwerk en op kantoren.

Mac = Apple Macintosh. Een serie desktops en laptops op de markt gebracht door het Amerikaanse bedrijf Apple. De naam Macintosh komt van de favoriete appelsoort van de grafisch ontwerper van Apple: de McIntosh.

modem = modulator-demodulator. Een modem maakt informatiesignalen geschikt om van het ene naar het andere apparaat te worden gestuurd. Denk aan digitale informatie die wordt ‘bewerkt’ om over een analoge telefoonlijn te kunnen worden gestuurd.

CMS = Content Management System. Dit is de software die het mogelijk maakt om aanpassingen in een website door te voeren. ’s Werelds meest bekende CMS is WordPress, omdat het heel gebruiksvriendelijk is.

Het verschil tussen IT en ICT

Q: De afkortingen IT en ICT worden vaak door elkaar gebruikt. Maar betekenen ze nu echt hetzelfde of zit er een toch verschil in?

A: IT is de afkorting van informatietechnologie en ICT is de afkorting van informatie- en communicatietechnologie. Beide vakgebieden houden zich onder andere bezig met netwerken, websites, databanken, softwareprogramma’s en systeemontwikkeling. Het woordje ‘communicatie’ maakt het grootste verschil tussen de twee termen. De IT gaat voornamelijk over software- en hardwareproducten, terwijl ICT gericht is op communicatieapparatuur en -diensten. Maar nu de kabeltelevisie, ether en televisiekabels ook worden gebruikt voor digitale informatiestromen, worden de termen door elkaar gebruikt.

Bronnen: Planbureau voor de Leefomgeving (PLO), NRC.nl